|
Ondanks langere intervallen
Jaarlijks olieverversen altijd aan te raden
Een halve eeuw geleden kwamen auto’s
ieder 2.500 km in de werkplaats voor een doorsmeerbeurt. Tegenwoordig
zijn de service-intervallen tussen de 30.000 en 50.000 km geen
uitzondering.
Een lange onderhoudsinterval is een goed verkoopargument. Wanneer
een verkoper de kant vertelt dat de nieuwe auto pas na 30.000
km of bij dieselmotoren zelfs 50.000 km een beurt nodig heeft,
lijkt dat in het voordeel van de klant. Maar wat men vaak niet
hoort is dat dit cijfer afhankelijk is van de rij-omstandigheden.
Het kan gebeuren dat het servicelampje
gaat branden voordat de beloofde kilometerstand is behaald. “In die gevallen
moet de werkplaats kunnen uitleggen waarom dat gebeurt”.
Dit heeft te maken met het verouderingsproces van de motorolie.
Dat proces verloopt namelijk veel sneller wanneer de olie niet
voldoende op temperatuur komt. Rijdt men korte afstanden, blijft
de motor koud en komt er via de zuigerveren brandstof in de motorolie
terecht. De olie verzuurt en dit kan leiden tot corrosie van
de motor.
Wordt de auto voor langere afstanden gebruikt en de olietemperatuur
tussen de 90 en 100 graden komt, verdampen de water- en brandstofdelen
die erin zitten.
Rijdt men dus korte afstanden kan men adviseren de motorolie
eerder te verversen dan volgens het onderhoudsschema.
Een ander risico van lange service-intervallen is dat men langer
wacht met olieverversen. Een auto met een interval van 50.000
km. Iemand die weinig rijdt denkt dat men op dezelfde motorolie
3 jaar kan doorrijden.
Dit is heel slecht want de werkzame additieven
die in motorolie zitten, lossen na 2 jaar op. Men rijdt dus
rond met verouderde olie. Het juiste advies dat een garage
kan geven, is de olie toch één keer per jaar
te verversen.
|